Eastcoast Paradise

 

Eastcoast Paradise

Van de westkust naar de oostkust door eindeloze wouden met wat non-descript dorpjes en weinig uitzichten die eerste dag. Op weg naar de enige plaats waar lovend over geschreven werd maar er waren, bleek achteraf, meer dorpjes met die naam en de eerste was het minst interessant en had ook het verkeerde hotel op de verkeerde plek, vies is een understatement. De dame die het runde zat de hele dag hardop te bidden op haar kamertje in plaats van te poetsen. Pas op: The Nun Inn, niet doen. Na een stevig ontbijt in het juiste dorpje met veel mooie hotels naar Kuala Besut. Omschreven als wat saai en een ‘end of the road’ stadje maar dat vind ik meestal wel leuk.  Het is de toegangspoort tot de adembenemende stranden en kristalhelder water van de Perhentian-eilanden. Als je de ferry naar het paradijs gemist hebt is dat de enige reden om er te verblijven. Ik kon niet mee met die boot want had een auto. Op weg dus maar die romantische vissersdorpjes uit vervlogen tijden. Meer naar het zuiden zoals de ANWB schreef in hun gids. Nou niet dus, de tijd is niet gek. Nieuwe wegen, liefst wat van de kust af, rij je lekker door. Maar, dat wel, ook hier fraaie stranden met genoeg resorts voor iedereen die die boot ook gemist heeft. Als katten liefhebber nog even gezorgd voor een nestje jonkies die de moeder in een holle boom gedeponeerd had. Kuala Terengganu was mijn pleisterplaats van de nacht. Ook hier bounty eilanden voor de kust maar die zijn voor een volgend leven. Deze stad is helemaal gebouwd op olie-dollars en dat is te zien. Beetje wanstaltig zou ik zeggen maar ze hebben hier iets met schildpadden die veelvuldig terugkomen in de streefart die niet kon tippen aan Penang. Morgen weer het regenwoud in.